Wet Verbetering Poortwachter

De Wet Verbetering Poortwachter creëert voor de werknemer en werkgever bepaalde (inspannings)verplichtingen die gericht zijn op re-integratie van de werknemer.  Deze wet is ingevoerd om langdurig ziekteverzuim van werknemers terug te dringen is. Kern van de regeling is het korter maken van het verzuim door snel en effectief ingrijpen bij arbeidsongeschiktheid.

Wet Verbetering Poortwachter wordt vaak afgekort tot Poortwachter.

Verplichtingen tijdens het eerste ziektejaar

  • Meldingsplicht: binnen een week na de eerste ziektedag wordt dit door de werkgever gemeld bij de arbodienst of de bedrijfsarts.
  • Probleemanalyse: na zes weken moet door de arbodienst of bedrijfsarts een probleemanalyse worden gemaakt. Hierin staat de arbeidongeschiktheid van de werknemer beschreven, de mogelijkheid tot herstel en een werkhervattingsprognose.
  • Plan van Aanpak: binnen acht weken na ziekmelding (of twee weken na de probleemanalyse) neemt de werkgever het initiatief tot het opstellen van een PvA. Dit plan beschrijft welke maatregelen werkgever en werknemer gaan nemen om ervoor te zorgen dat de werknemer weer aan het werk kan.
  • Re-integratiedossier: de werkgever legt een dossier aan bij dreigend langdurig ziekteverzuim.
  • Bespreking voortgang: werkgever en werknemer bespreken iedere zes weken de voortgang van de re-integratie.
  • Case-manager: de werkgever kiest, in overleg met de werknemer, een casemanager die het PvA begeleidt en de uitvoering daarvan controleert.
  • Ziekmelding UWV: in de 42e week wordt de werknemer bij het UWV ziekgemeld.

Verplichtingen tijdens het tweede ziektejaar

  • Eerstejaarsevaluatie: tussen de 46e en 52e ziekteweek vindt een evaluatie plaats. Hierbij wordt tevens door werkgever en werknemer besproken hoe ze de re-integratie in het tweede jaar gaan aanpakken. Vaak is dit een moment om een (niet-bindend) deskundigenoordeel van het UWV te vragen.
  • Re-integratieverslag: na 80 weken stelt de werkgever, in overleg met de werknemer, een verslag op met alle afspraken en resultaten.
  • WIA-aanvraag: na 87 weken ontvangt de werknemer van het UWV een formulier voor de aanvraag van een arbeidsongeschiktheidsuitkering.

Naast de concrete verplichtingen in het eerste en tweede ziektejaar hebben werkgever en werknemer gedurende de gehele ziekteperiode tevens een 'algemene' plicht zich in te spannen voor de werkhervatting van de werknemer. Het is afhankelijk van de situatie wat van werkgever en werknemer gevergd kan worden. Aangenomen wordt dat:

  • werkgever en werknemer elkaar voldoende op de hoogte houden;
  • zij zich actief opstellen ten aanzien van de re-integratie en eventuele herplaatsing;
  • de werknemer redelijke voorschriften van de werkgever opvolgt;
  • de werkgever de nodige aanpassingen doet binnen het bedrijf om te werknemer zijn eigen of een andere functie te laten vervullen.

De loondoorbetalingsverplichting van de werkgever

Gedurende maximaal twee jaar heeft de werkgever een loondoorbetalingsplicht. Hij betaalt de werknemer maandelijks minimaal 70% van het loon. Bij arbeidsovereenkomst of cao kan hiervan ten voordele van de werknemer worden afgeweken.

Wanneer een werknemer arbeidsongeschikt is dient de werkgever op zoek te gaan naar passende werkzaamheden.

Schending van de verplichtingen

Als een werknemer zijn (re-integratie)verplichtingen schendt, door bijvoorbeeld zijn herstel opzettelijk te belemmeren, kan de werkgever een loonsanctie opleggen. Leeft de werknemer controlevoorschriften niet na, bijvoorbeeld door het weigeren een afspraak te maken met de bedrijfsarts, dan kan de werkgever de loondoorbetaling opschorten. In uitzonderlijke situaties kan ernstige schending van re-integratieverplichting leiden tot ontslag op staande voet of ontbinding van de arbeidsovereenkomst, maar niet voordat er een loonsanctie is opgelegd.

Komt een werkgever zijn verplichtingen niet na dan kan het UWV de loondoorbetalingsplicht na twee jaar verlengen.

Een afspraak maken