Volgorde van zekerheden uitwinning

Meerdere zekerheden: wie eerst?

Indien een schuldeiser (meestal de bank) geld leent of een krediet in rekening-courant verschaft, zal de schuldeiser zekerheden bedingen, bijvoorbeeld een pand- of hypotheekrecht. Deze zekerheden dienen ertoe dat de schuldeiser zeker weet dat zij haar geld terugkrijgt.

In welke volgorde worden de zekerheden uitgewonnen?

Gevolgen voor schuldeiser

Maar wat als de schuldeiser meerdere zekerheden heeft bedongen? Kan de schuldeiser dan zelf kiezen welke zekerheid zij (als eerste) uitwint?

In een recente zaak was deze vraag aan de orde.

Casus uitwinnen zekerheden

Het ging om het volgende. Een man en een vrouw hadden samen een woning gekocht. De man was enig aandeelhouder en directeur van A B.V. en B B.V. Door de bank waren de volgende zekerheden:

  • een recht van eerste hypotheek op de woning;

  • een recht van tweede hypotheek op de woning;

  • een borgstelling van de man.

Het recht van eerste hypotheek was afgegeven voor de zekerheid tot terugbetaling van een door de bank verstrekte lening van € 340.335,16 aan de man en de vrouw. Het recht van tweede hypotheek was afgegeven voor een door de bank verstrekt krediet in rekening courant aan A B.V. Tenslotte is de borgstelling afgegeven voor een verstrekt krediet in rekening-courant aan B B.V.

De door de bank bedongen hypotheekrechten waren zogenaamde “paraplu-hypotheken”. De hypotheken strekten dus tot zekerheid voor alles wat de bank te vorderen heeft of mocht hebben.

Een borgstelling houdt in dat iemand (een derde) zich jegens de schuldeiser verbindt en met zijn eigen vermogen instaat voor de nakoming van de verplichtingen door de schuldenaar. Een borgstelling kan echter pas ingeroepen worden op het moment dat de schuldenaar zijn verplichtingen niet nakomt.

In de onderhavige casus werden uiteindelijk A B.V. en B B.V. opgeheven wegens gebrek aan baten. De bank wilde uiteraard haar geld terug. De bank riep daarom haar hypotheekrecht in. In dat kader is door de vrouw een bedrag van € 97.500,00 betaald voor de vordering van de bank op de man en A B.V. De vordering op B B.V. bleef echter in stand en het hypotheekrecht dat strekte tot zekerheid voor deze vordering ook.

Voor de vordering op B B.V. heeft de bank de borgstelling van de man ingeroepen. De man stelde echter dat de bank hiertoe niet gerechtigd was, omdat zij eerst het hypotheekrecht diende uit te winnen voor de vordering op B B.V.

De bank is echter van mening, kort gezegd, dat zij zelf mag bepalen welke zekerheidsrechten zij inroept. Zij hoeft daarbij geen bepaalde rangorde aan te houden.

De reden dat de man liever het hypotheekrecht uitgewonnen zag, was dat de gemeenschap welke tussen de man en de vrouw bestond, is verdeeld. In het kader van de verdeling is de woning aan de vrouw toegedeeld.

Oordeel Gerechtshof 

Het gerechtshof was het niet met de man eens. Het Hof overweegt dat er geen geschreven of ongeschreven rechtsregel is die de bank verplicht om eerst de hypotheekrechten uit te winnen. Dat de bank gerechtigd is om haar vordering op B B.V. middels het hypotheekrecht uit te winnen, brengt nog niet mee dat de bank geen verhaal kan of mag nemen op de man als borg. De bank kan dus zelf de keuze maken.

De enige manier waarop het voorgaande voorkomen had kunnen worden, is door dit met de bank af te spreken. In de overeenkomst kan dan een rangorde van verhaal worden opgenomen, waarbij wordt afgesproken dat de bank eerst de hypotheekrechten zal uitwinnen. Resteert er dan nog een bedrag dat voldaan moet worden, dan kan de bank de borgstelling inroepen.

Absolute Advocaten adviseert regelmatig op het gebied van financieringen en zekerheden. Voor advies kunt u altijd contact opnemen met een van onze advocaten.

Een afspraak maken