Verplichte scholing door werkgever

Wettelijk verplicht

De scholingsplicht voor de werkgever geldt vanaf 1 juli 2015. De werkgever is op grond van de wet verplicht de werknemer in staat te stellen scholing te volgen die noodzakelijk is voor de uitoefening van zijn functie en, voor zover dat redelijkerwijs van de werkgever kan worden verlangd, voor het voortzetten van de arbeidsovereenkomst indien de functie van de werknemer komt te vervallen of hij niet langer in staat is deze te vervullen.

Verplichte scholing door werkgever

Goed werkgever

Deze bepaling is een nadere invulling van de wettelijke verplichting van de werkgever en de werknemer om zich als goed werkgever en goed werknemer te gedragen. De scholingsplicht is overigens niet nieuw. Ook vóór 1 juli 2015 kon van een goed werkgever verwacht worden de werknemer in staat te stellen de voor zijn functie noodzakelijke scholing te volgen. De expliciete scholingsplicht bij ontslag is met invoering van de WWZ wel nieuw.

Wat houdt deze scholingsplicht nu precies is? En betekent dit dat de werkgever de werknemer in staat moet stellen om iedere gewenste scholing te volgen? En voor wiens rekening komt deze scholing?

Wat kan Absolute Advocaten voor u betekenen?

Absolute Advocaten heeft gespecialiseerde advocaten die u kunnen adviseren over de wettelijke scholingsverplichting. Wij kiezen altijd voor een resultaatgerichte aanpak en u kunt rekenen op:

  • ervaren advocaten die gespecialiseerd zijn in het arbeidsrecht;
  • één duidelijk aanspreekpunt;
  • een uitstekende bereikbaarheid van onze advocaten, ook buiten kantoortijden;
  • een praktische oplossing voor complexe problemen.

Voor verdere informatie of mogelijkheden kunt u contact opnemen via ons telefoonnummer 026-3259023.

Nodig voor uitoefening van de functie

De werkgever is verplicht om de werknemer is staat te stellen om scholing te volgen die noodzakelijk is voor de uitoefening van de functie. Dit betekent niet dat de werknemer op kosten van de werkgever iedere gewenste scholing kan volgen. Het moet gaan om scholing die noodzakelijk is voor de functie van de werknemer. Deze scholing moet het de werknemer mogelijk maken zijn functie goed te vervullen.

Ter voorkoming van ontslag

Daarnaast geldt dat voordat een werkgever overgaat tot ontslag (bijvoorbeeld wegens bedrijfseconomische redenen of disfunctioneren) bekeken moet worden of de werknemer binnen een redelijke termijn herplaatst kan worden, al dan niet met behulp van scholing. Is er binnen een redelijke termijn een passende functie beschikbaar voor de werknemer die de werknemer met behulp van scholing zou kunnen uitvoeren, dan is de werkgever verplicht de werknemer in de gelegenheid te stellen deze scholing te volgen. Is deze passende functie er niet, dan behoeft er vanzelfsprekend ook geen scholing te worden aangeboden. De scholingsplicht reikt overigens niet zo ver de dat de werkgever verplicht is om scholing aan te bieden zodat de werknemer meer kans heeft op het vinden van een andere baan. Indien de werkgever deze scholing wel aanbiedt, dan zou dit onder bepaalde omstandigheden in mindering kunnen worden gebracht op de transitievergoeding. De werknemer moet daar wel mee instemmen.

Nb. De scholingsverplichting geldt niet wanneer er sprake is van ontslag wegens verwijtbaar handelen van de werknemer.

Scholings- en opleidingsovereenkomst

Werkgever en werknemer kunnen in een scholings- of studieovereenkomst afspraken maken over de kosten van scholing die noodzakelijk is voor de functie van de werknemer. Indien geen afspraken worden gemaakt over de kosten van de scholing, dan komen deze in beginsel voor rekening van de werkgever.

In de studieovereenkomst kan worden opgenomen dat de werknemer, indien deze binnen een bepaalde periode na het behalen van het diploma of certificaat uit dienst treedt, (een gedeelte van) de kosten aan de werkgever moet terug betalen. Uit de jurisprudentie blijkt dat een dergelijk studiekostenbeding aan de volgende voorwaarden moet voldoen:

  • vaststelling van de periode waarin de werkgever geacht wordt baat te hebben bij de door de studie opgedane kennis en vaardigheden;
  • (uitdrukkelijke) vaststelling van de verplichting van de werknemer om, indien de arbeidsovereenkomst tijdens of onmiddellijk na afloop van de studieperiode eindigt, studiekosten (waaronder ook kan vallen het loon dat de werknemer gedurende de opleiding heeft genoten) aan de werkgever terug te betalen;
  • de terugbetalingsverplichting moet een glijdende schaal bevatten;
  • de terugbetalingsafspraak moet duidelijk zijn voor de werknemer;
  • het initiatief voor het ontslag ligt niet bij de werkgever.

Overigens geldt dat ook al voldoet het studiekostenbeding aan bovengenoemde voorwaarden het in sommige gevallen strijd met de redelijkheid en billijkheid kan zijn om van de werknemer te verlangen studiekosten terug te betalen. Verder geldt dat er wettelijke regels grenzen kunnen stellen aan hetgeen partijen kunnen overeenkomen, bijvoorbeeld de Wet Minimumloon en minimumvakantietoeslag. Het is dan ook verstandig een studie- of scholingsovereenkomst vooraf juridisch te laten toetsen.

Een afspraak maken